Schrijven met licht en… schrijven

Gisteravond tijdens het optreden van PJ Harvey bij het International Literature Festival Utrecht (ILFU) zag ik weer eens hoe moeilijk het is om tekst en beeld los van elkaar te combineren op een manier dat je zowel de ene als de andere discipline kunt vergeten en volledig kunt opgaan in het samenvloeisel van die twee: een totaalervaring beleeft. PJ Harvey las zelfgeschreven poëzie en teksten, vergezeld van foto’s van fotograaf Seamus Murphy met wie ze naar drie landen reisde. Ze maakten samen een boek waarin hun indrukken, visuele en tekstuele registraties en vertalingen van wat ze in die landen tegenkwamen zijn verwerkt. Ongetwijfeld de moeite waard. Zowel de voordracht van PJ Harvey als de foto’s  van Murphy waren onafhankelijk van elkaar goed genoeg. PJ Harvey is charmant, haar stem is mooi en ze brengt haar teksten vol overtuiging en met kracht. De foto’s van Murphy zijn zonder twijfel sterk en een aantal van zijn foto’s kwamen heel erg aan bij mij.
Maar..

Ze zijn beiden zo sterk en gelijkgestemd dat ik me tijdens haar optreden afvroeg of dat elkaar niet in de weg zit bij zo’n performance. Ik als fotograaf werd dusdanig naar de beelden getrokken dat zelfs de mooie stem en het charmante voorkomen van Harvey (die ik in de jaren ’95 – ’97 als vrouwelijke muzikant bewonderde) het daar niet van konden ‘winnen’. En als ik bewust de beelden even losliet en mij concentreerde op haar stem en woorden, dan pas maakte ik mijn eigen beelden en associaties. Wat mij betreft versterkten in dit geval verBEELDing en AFbeelding elkaar niet. Misschien wel in het boek, maar dat is in een geheel andere context.

Ik sms-te naar Eef na het optreden dat ik wederom constateerde dat beeld en woord niet vanzelfsprekend met elkaar samen gaan. Dat daar meer voor nodig is dan beiden je ding doen en dan kijken of dat samen kan vallen. Ook wij combineren woorden en beelden in dit project, en tijdens onze eerste Ont(k)leedKamer twee weken geleden deelden we ons work-in-progress met publiek: voordracht van Eef’s gedichten bij mijn foto-projecties en het Titel-experiment.
Zonder onbescheiden te willen zijn, denk ik dat het bij ons beter werkte. Misschien omdat wij in veel opzichten totaal andere persoonlijkheden zijn, zoals de een in tekst onthullend, de ander in beeld meer verhullend, en juist die tegenstelling iets teweegbrengt wat verder gaat dan de combinatie van beeld en woord.
Ik herkende hetzelfde gisterenavond tijdens en na het gesprek tussen schrijfsters Connie Palmen en Kristien Hemmerechts over het boek Jij zegt het van Connie Palmen. Een optreden waar geen beelden aan te pas kwamen, dus in die zin niet vergelijkbaar met waar ik het net over had, maar wel twee compleet andere vrouwen die met elkaar een dialoog aangingen en waarbij Palmen Hemmerechts de les leek te lezen. Leek, want hoewel Palmen zich als een wolf naar een schaap gedroeg, in een kort gesprek dat ik daarna had met Palmen zei deze over Hemmerechts: “Ze kan me heel goed aan, ook al lijkt dat misschien niet zo”.
Als je goed had opgelet was dat inderdaad zichtbaar en voelbaar. Juist dat bracht de spanning! En bleef uiteindelijk meer hangen dan degene voor wie ik , net als velen onder wie ook fotograaf goeroe Anton Corbijn, was gekomen.

Ik kan niet wachten tot Eef mij uit gaat dagen met woorden en titels waar ik beelden bij ‘moet’ maken. Benieuwd welke spanningen en tegenstellingen dat gaat opleveren!

Linda

De Ont(k)leedKamer I: een eerste impressie

Op zondag 10 april vond onze eerste Ont(k)leedKamer plaats in hartje Utrecht. Na intensieve voorbereidingen, zeker in de laatste week en dagen vooraf, openden we de deur om 14.00 uur en stroomde onze ‘zaal’ vol en hadden we een volle bak bij aanvang!
Vol verwachting maakte het publiek al gezellig kennis met de intieme sfeer van de middag en met elkaar, want de stoelen moesten flink worden bijeen geschoven om iedereen te voorzien van een goed plekje met uitzicht op ons ‘podium’.
Zoals vaak bij een nieuw begin, begonnen ook wij ietwat chaotisch, maar na het eerste deel van de middag met poëzie voordracht en een lezing, konden we allemaal even bijkomen en de benen strekken na de opening van de expositie. Met een glaasje van het een of ander in de hand verspreidden de meute zich over de drie ruimtes, twee met foto’s en eentje met een digitale fotovoorstelling. Er werd aandachtig gekeken, gesproken, en ook al gediscussieerd..

In het tweede deel kwamen we echt goed op gang, na opnieuw enkele gedichten, gingen Linda en ik met elkaar en met het publiek het gesprek aan over het hoe en waarom van dit project. Vragen zoals Waarom moet de man ontkleed? en Ontleden Linda en Eef op dezelfde wijze? kwamen uitvoerig aan bod. Er ontstond een levendige discussie in en met het publiek over de vraag wie er nu eigenlijk zit te wachten op mannelijk naakt fotografie en poëzie. De komende tijd zullen we hier op onze blog verder gaan met het aankaarten van deze en meer vragen. We hebben ons publiek om nog meer feedback gevraagd, en dat levert interessante input op. Dingen die ons doen nadenken over onze eigen beweegredenen, onze verlangens, onze denkbeelden, onze motivatie etc.
De gemoederen raakten verder verhit toen wij ons “Titel-experiment” lieten zien en horen. Kort gezegd; ik heb bij een aantal foto’s van Linda (deels door haar gekozen, deels door mijzelf), titels bedacht op basis van mijn interpretatie. Deze lieten we zien en horen en Linda kon er op reageren.  Voor ons beiden spannend, want Linda kiest er heel bewust voor om juist geen titels aan haar werk te geven, terwijl ik natuurlijk altijd van de woorden en benamingen ben (zie ook mijn vorige blog Zonder Titel ). Het demonstreerde hoe verschillend wij zijn als makers, de een met beelden en de ander met woorden. En hoe spannend dat kan zijn, dat cross-over echt niet evident is, dat het raakt aan allerlei gedachten en gevoelens over kunst, over doeleinden etc. Deze discussie ging nog lang door tijdens de borrel na afloop, en levert voor ons weer interessante nieuwe ideeën op. We hebben al veel zin in nieuwe experimenten die we het komend halfjaar aangaan met elkaar!

Het was wat ons betreft een zeer geslaagde eerste Ont(k)leedKamer! In het najaar volgt een tweede editie met weer nieuw work-in-progress. Daarnaast hebben we nog allerlei andere ideeën voor Ont(k)leed als geheel en de realisatie van ons boek, maar daarover hoor je vanzelf meer hier op de website.

Wil je niets missen? Like ons dan op Facebook en/of volg ons op Twitter.

Eef

Blote mannen zijn niet interessant? (3)

Van de week werd bekend dat Wit Rusland voor het komende songfestival een naakte zanger op het podium zal presenteren, weliswaar omringd met echte wolven. Dat wil zeggen: als de organisatoren daar toestemming voor geven (voor de wolven, het naakt is blijkbaar geen probleem). Wil ik daar iets over zeggen? Ik ben alleen maar benieuwd hoe dat er uit zal zien. Verder verwacht ik dat deze blote man “opgevreten” wordt door de wolven, zodat er vooral aanstoot kan worden genomen aan het risico wat hij daarin nam en niet zozeer aan zijn bloot-zijn.

De acceptatie en manier van afbeelden van naakt (in de kunst en de fotografie) is altijd een complexe sociaal-culturele kwestie. Ergens liggen er grenzen, met betrekking tot wat wel en niet ‘kan’, wat wel of niet gezien mag worden, oftewel: het naakt is contextgevoelig. Porno mag niet, erotiek wel, nudisten ook geen probleem. Maar facebook weert nog steeds foto’s waarop bloot staat. Terecht, en niet terecht.

Ik moet denken aan de eerste foto die ik nam van een naakte man., toen ik 20 was. Het was eigenlijk geen echte man, want hij behoorde tot een figurant op een schilderij van Eugene Delacroix. Staande voor dat schilderij in – ik meen – het Louvre in Parijs, nam ik hem; de foto. Ik kaderde hem zodanig in dat alleen hij nog in de zoeker zichtbaar was en ik hem loskoppelde van zijn context, en mijn beeld werd.  Ik fotografeerde deze uit verfstreken opgebouwde man in zwart wit en in de donkere kamer zette ik het contrast tusen zwart en wit nog eens extra aan waardoor het beeld er nog dramatischer dan het al was op werd, maar tegelijkertijd ook erotischer: de man was van mij geworden. Ik heb de foto nog steeds.

Misschien is het die man, die ongetwijfeld zo’n 200 jaar geleden werkelijk heeft bestaan en heeft geposeerd voor de schilder, die mij uiteindelijk heeft aangezet tot de foto’s die ik nu maak van mijn model.
Maar nu is het ‘echt’.

Ik ben er nog niet uit hoe echt de geplande act van de blote zanger zal zijn, maar ik zie het nu al als een figurant in een bizar schilderij van lichtgeweld.

Linda